< Terug naar vorige pagina

Project

Continue monitoring van de interne en externe trainings- en wedstrijdbelasting in het professionele voetbal: innoverende mogelijkheden voor prestatieverbetering en blessurepreventie.

Voetbalspelers voeren tijdens wedstrijden en trainingen heel wat bewegingsactiviteiten uit. Ze staan stil, wandelen, lopen, versnellen en sprinten over verschillende afstanden, daarnaast doen de spelers heel wat explosieve richtingsveranderingen. De combinatie van al deze activiteiten zorgt bij elke speler voor een externe en interne fysieke belasting.

De externe belasting wordt gedefinieerd als de objectief meetbare activiteiten, die dikwijls door de trainer worden opgelegd. Indicatoren voor externe belasting zijn de eerder aangehaalde afgelegde afstand, de uitgevoerde versnellingen en het aantal sprints. Deze externe belasting zorgt samen met de individuele eigenschappen van de spelers, zoals bijvoorbeeld trainingsstatus, voor een interne fysieke belasting. Dit is de respons van de atleet op de opgelegde externe belasting, zoals het energieverbruik en de impact op het musculoskeletale systeem. Deze interne belasting is de uiteindelijke stimulus voor de trainingsuitkomst. De trainingsuitkomst kan positief (een toename in fysieke fitheid), neutraal (het behoud van fysieke fitheid) of negatief (een afname van de fysieke fitheid, een blessure of ziekte) zijn.

Afhankelijk van de individuele eigenschappen van de spelers, kan éénzelfde opgelegde externe belasting voor een andere interne belasting en dus verschillende trainingsuitkomst zorgen. Dit kan een optimale trainingsprikkel zijn maar ook ondertraining, overtraining, een blessure of ziekte.

De fysieke belasting kan met behulp van verschillende meetsystemen gekwantificeerd worden. De externe belasting kan gemeten worden met behulp van GPS, de interne belasting door middel van hartslagmeters of de ervaren mate van inspanning. Dit is een subjectieve maat op een schaal van 0-10 waarmee spelers na afloop van de training of wedstrijd algemeen beoordelen hoe inspannend zij de training of wedstrijd hebben ervaren.

In het hedendaagse professionele voetbal wordt de externe en interne belasting continu gemonitord. Op basis hiervan is reeds heel wat onderzoek verschenen dat inzicht biedt in de dagelijkse trainingspraktijk, alsook in de externe en interne belasting van wedstrijden. Er is echter meer onderzoek nodig dat focust op de link tussen externe en/of interne belasting enerzijds en trainingsuitkomsten zoals veranderingen in fitheid of blessurerisico anderzijds. Deze inzichten ontbreken binnen het professionele voetbal en kunnen de praktijk van het continu monitoren verbeteren, en op die manier, ook trainingsuitkomsten optimaliseren die de prestatie van het team ten goede komen. Het doel van dit onderzoeksproject was het identificeren van relevante indicatoren voor externe en interne fysieke belasting om het continu monitoren binnen het professionele voetbal te verbeteren.

Er werd gestart met een systematische review van de bestaande literatuur inzake de relatie tussen indicatoren voor fysieke belasting en trainingsuitkomsten in het professionele voetbal. Er werd vastgesteld dat, ondanks de beschikbaarheid van geavanceerde technologieën, er nog maar weinig onderzoek was gebeurd die de link tussen externe belasting en veranderingen in fitheid of blessures had onderzocht. Daarnaast werden de meeste studies uitgevoerd over kortere periodes tijdens een seizoen, studies met data verzameld gedurende een volledig seizoen ontbraken.

Voor de studies binnen het huidige onderzoeksproject werd de fysieke belasting van voetbalspelers intensief opgevolgd gedurende twee seizoenen bij een professionele club.  De externe belasting werd gemeten door middel van een GPS syteem. De interne belasting werd gemonitord met behulp van de ervaren mate van inspanning. De trainingsuitkomsten werden opgevolgd door middel van vragenlijsten om de vermoeidheidsstatus van spelers te bepalen. Daarnaast werden ook de blessures geregistreerd. Vervolgens werd de link tussen verschillende indicatoren voor fysieke belasting onderling alsook in relatie tot trainingsuitkomsten onderzocht in verschillende studies.

In een eerste studie werd de impact van het gebruik van verschillende instellingen en filters onderzocht. Hieruit werd duidelijk dat consistentie in de collectie en verwerking van GPSdata essentieel is voor het continu monitoren  van externe belasting alsook voor het gebruik van deze data in wetenschappelijk onderzoek.

Vervolgens, in de tweede studie, werd met behulp van machine learning analysetechnieken onderzocht welke externe belastingsindicatoren bijdragen aan de interne belasting, gemeten door middel van de ervaren mate van inspanning (RPE). Naast indicatoren zoals afstand afgelegd aan hogere snelheden en versnellingen, hadden ook deceleraties een belangrijke invloed op de ervaren mate van inspanning (RPE).

De focus van de derde studie lag op de relatie tussen fysieke belasting en een vragenlijst die het welbevinden van de spelers bevraagt zoals vermoeidheid, slaapkwaliteit en spierstijfheid. Hieruit werd duidelijk dat het belangrijk is om naast de invloed van fysieke belasting ook de meest recente fysieke status van de spelers, gemeten met de vragenlijst, in overweging te nemen wanneer men het toekomstig welbevinden van spelers wil voorspellen. Dit duidt het belang van een multifactoriële benadering aan waarin zowel fysieke belasting als het welbevinden van de spelers wordt gemonitord.

De relatie tussen fysieke belasting en welbevinden bij een keeper werd in een vierde studie onderzocht. Hieruit volgden inzichten in de uitgevoerde trainingsbelasting. Daarnaast werden zwakke relaties gevonden tussen de indicatoren voor fysieke belasting en het welbevinden van een doelman. Daaruit kan besloten worden dat positie-specifieke indicatoren voor fysieke belasting nodig zijn voor het kwantificeren van training- en wedstrijdbelasting bij een keeper.

In de zesde, en laatste, studie werd de associatie tussen de indicatoren voor fysieke belasting en het risico op overbelastingsblessures onderzocht. Hierbij waren vooral externe belastingsindicatoren gelinkt aan een verhoogd of verlaagd risico op blessures. Dit was voornamelijk het geval voor totaal afgelegde afstand en deceleraties over verschillende weken. Daarnaast waren ook pieken in fysieke belasting, of het ontbreken hiervan, gelinkt aan een hoger of lager blessurerisico. Het opvolgen van verschillende indicatoren voor fysieke belasting over verschillende tijdsperioden, alsook de proportie tussen deze tijdsperioden, in combinatie met eventuele aanpassingen in de opgelegde fysieke belasting, wordt aangeraden om het risico op blessures te verkleinen.

Als hoofdconclusie van dit onderzoeksproject komt het belang van een multifactoriële aanpak naar voren. Hierbij wordt aangeraden om indicatoren voor externe en interne fysieke belasting te monitoren in combinatie met de status van professionele voetbalspelers. Dit kan evidence-based besluitvorming inzake het managen van trainings- en wedstrijdbelasting ondersteunen om op die manier het welbevinden en blessurerisico van spelers te optimalizeren en uiteindelijk de teamprestatie ten goede te komen.

Datum:1 feb 2014  →  17 jan 2018
Trefwoorden:workload, fitness, injury, professional soccer
Disciplines:Onderwijscurriculum
Project type:PhD project